Atonaal-Atonaliteit-Atonale muziek

Atonaal-Atonaliteit-Atonale muziek

[caption id="attachment_200989" align="alignleft" width="230"]atonaal-atonaliteit Arnold Schönberg[/caption]

Atonaal Atonaliteit is een aanduiding voor muziek die geen herkenbare toonsoort heeft, een voorbeeld hiervan is de seriële muziek. De consonant en dissonant zijn begrippen die binnen de atonale muziek geen enkele waarde meer hebben.

Het doel van het ontstaan van de atonaliteit is de poging om een weg te komen en vrij zijn van het eeuwenlang heersende 'keurslijf' van strenge harmonische regels.

Het beluisteren en uitvoeren van atonale muziek wordt als moeilijk ervaren omdat er geen referenties meer zijn aan een toonsoort. Atonale muziek is ook abstract te noemen.

De ontwikkeling van atonale muziek

De atonaliteit ontwikkelde vanuit een weelderig gebruik van chromatiek binnen de harmonieën. Zelfs Franz Liszt experimenteerde al hiermee in zijn late pianowerk de Bagatelle sans tonalité. In de bitonaliteit en polytonaliteit wordt gebruik gemaakt van meerdere toonsoorten door elkaar heen en leidde geleidelijk naar de atonaliteit.

Twaalftoon muziek dodecafonie

Arnold Schönberg ontwikkelde de twaalftoon muziek ofwel de dodecafonie waarbij hij de twaalf tonen binnen het octaaf, een gelijke waarde gaf.

Hiermee deed hij afstand van de historisch harmonische hiërarchie, waarbij sommige tonen of harmonieën een belangrijkere plaats hebben dan de andere.

 

Voorbeelden van atonaal-atonaliteit

Naast Schönberg, Alban Berg en Webern waren er meer componisten die atonale muziek schreven, zoals onder andere: Paul Hindemith, Ernst Křenek, Igor Stravinsky, en Witold Lutosławski.

De stap na de atonale muziek was het Serialisme, met componisten als Pierre Boulez, Karlheinz Stockhausen, Luciano Berio en Krzysztof Penderecki. Deze componisten domineerden de avant-garde muziek in de vijftiger jaren van de vorige eeuw.
Reactie plaatsen